Zoek je eigen klus op. Per situatie (schuin dak, zoldervloer, voorzetwand, kruipruimte) staat in de tabel of je folie, klimaatfolie of geen aparte folie nodig hebt; het aanbrengen staat stap voor stap bij dampremmende folie aanbrengen.
Dit artikel bevat affiliate-links naar Essent en Essent Isolatie. Komt er via zo’n link een opdracht of contract tot stand, dan kunnen wij een commissie ontvangen, zonder meerkosten voor jou. Met pro clima, Milieu Centraal en RVO hebben wij geen commerciële relatie. Wij hebben zelf geen folie aangebracht of gemeten: de adviezen komen uit de bronnen onderaan, met de datum waarop wij ze hebben geraadpleegd.
Je staat op zolder met een rol glaswol, of je laat een voorzetwand plaatsen, en dan komt de vraag: moet er dampremmende folie in, aan welke kant, en welke soort? Het is een klein onderdeel van de klus, maar het is wel het onderdeel dat bepaalt of het vocht uit je huis straks in de isolatie blijft hangen. Een verkeerd geplaatste of slordig getapete folie zie je niet meer zodra de gipsplaat ervoor zit.
Dit artikel gaat alleen over die laag. Welke isolatiemethode je voor je dak kiest, staat in dakisolatie van binnenuit of van buitenaf. Wat PIR-platen per centimeter doen, staat in PIR-isolatie: dikte en Rd-waarde. Hier lees je per situatie of je folie nodig hebt, welke soort, en hoe je hem aanbrengt.
Kort antwoord: isoleer je met glaswol, steenwol of een ander dampopen materiaal, dan hoort er een dampremmende laag aan de warme kant van de isolatie: tussen de isolatie en de afwerking aan de kamerkant, en bij een zoldervloer onder de isolatie (daar ook bij platen). Isoleer je een schuin dak met harde kunststofschuimplaten zoals PIR, dan zijn die volgens Milieu Centraal zelf voldoende dampremmend; folie is daar meestal niet nodig, behalve bij een badkamer. Ligt er onder je dakpannen al een dampremmende of dampdichte laag, of isoleer je over bestaande isolatie heen, kies dan klimaatfolie. Laat de banen minstens 10 centimeter overlappen en plak alle naden en aansluitingen af. Een folie met kieren werkt nauwelijks.
Wat de folie doet: vocht uit de isolatie houden
Milieu Centraal vat het principe in één regel samen: de binnenkant van een geïsoleerde constructie moet in principe dampremmender zijn dan de buitenkant. In de winter is de lucht in huis warmer dan buiten, en warme lucht bevat meer vocht. Dat vocht ‘wil naar buiten’. Is de binnenkant niet dampremmender dan de buitenkant, dan trekt het vocht in het isolatiemateriaal en de constructie en blijft het daar opgesloten. Milieu Centraal noemt schimmel en een kortere levensduur van de constructie als gevolg.
Waarom het juist in de isolatie misgaat, laat de folieproducent pro clima zien met een rekenvoorbeeld op zijn site. Bij 20 °C binnen en 50 procent relatieve luchtvochtigheid ligt het dauwpunt bij 9,3 °C. Lucht die door de isolatie naar buiten trekt, koelt onderweg af. Zodra die lucht kouder wordt dan het dauwpunt, condenseert het vocht. In een geïsoleerd dak of een geïsoleerde muur ligt dat punt ergens in of achter de isolatie, waar het niet kan opdrogen.
Twee manieren van vochttransport zijn daarbij belangrijk:
- Diffusie: waterdamp trekt langzaam door een gesloten laag heen. Dat is voorspelbaar en een folie remt het af.
- Convectie: vochtige lucht stroomt door kieren en naden. Dat is volgens pro clima het eigenlijke probleem, en daar beschermt een folie alleen tegen als hij luchtdicht is aangebracht.
Dampremmend, dampdicht, dampopen en klimaatfolie
In de bouwmarkt kom je vier woorden tegen. Ze gaan allemaal over hoeveel waterdamp een laag doorlaat.
| Soort laag | Wat het doet | Waar je het tegenkomt |
|---|---|---|
| Dampopen folie | laat waterdamp door | bijvoorbeeld onder de dakpannen, aan de koude kant |
| Dampremmende folie | remt waterdamp af, met een vaste weerstand | aan de warme kant van glaswol of steenwol |
| Klimaatfolie (vochtregulerend) | weerstand verandert met de luchtvochtigheid: ’s winters dicht, ’s zomers opener | aan de warme kant, als er buiten al een dampremmende laag zit |
| Dampdichte laag | laat vrijwel geen waterdamp door | bijvoorbeeld aluminiumlaminaat op spijkerflensdekens |
De weerstand tegen waterdamp wordt uitgedrukt in een sd-waarde, in meters. Pro clima schrijft μd-waarde en noemt het de ’equivalente luchtlaagdikte’. Hoe hoger het getal, hoe minder damp er doorheen komt: in de tabel hieronder is de folie met de hoogste waarde in de winter het dichtst. Wij vonden bij Milieu Centraal en RVO geen vaste grenswaarden voor wanneer een folie ‘dampremmend’ of ‘dampdicht’ heet. Vergelijk daarom de sd-waarde op het productblad van de folie die je koopt, en vraag die aan de uitvoerder als hij de folie levert.
Twee voorbeelden uit de documentatie van pro clima laten zien hoe groot het verschil tussen winter en zomer bij klimaatfolie kan zijn:
| Folie (pro clima) | sd-waarde winter | sd-waarde zomer |
|---|---|---|
| INTELLO en INTELLO X | meer dan 25 m | minder dan 0,25 m |
| DB+ | 4 m | 0,4 m |
De reden voor dat verschil: volgens pro clima is de luchtvochtigheid bij de folie in de winter gemiddeld zo’n 40 procent en trekt het vocht van binnen naar buiten. In de zomer is die meer dan 80 procent en draait de richting om. Een folie die ’s zomers opengaat, laat vocht dat toch in de constructie is gekomen terug naar binnen drogen. Pro clima schrijft daarom dat een damprem beter beschermt dan een dampscherm met een hoge weerstand, omdat dat laatste de constructie bijna niet laat terugdrogen. Dat is de visie van een fabrikant van klimaatfolie; Milieu Centraal adviseert klimaatfolie in de situaties die we hieronder noemen.
Wanneer heb je dampremmende folie nodig?
Dit overzicht zet de adviezen van Milieu Centraal per situatie op een rij.
| Situatie | Folie nodig? | Welke |
|---|---|---|
| Schuin dak met glaswol of steenwol, geen folie onder de pannen (dampopen dak) | ja | dampremmende folie, of spijkerflensdekens met aluminiumlaminaat |
| Schuin dak met glaswol of steenwol, dampremmende of dampdichte laag onder de pannen | ja | klimaatfolie |
| Extra isolatie tegen een bestaande isolatielaag in het dak | ja | klimaatfolie (de bestaande laag is meestal dampremmend) |
| Schuin dak met harde kunststofschuimplaten (PIR, PUR, resol) | meestal niet | boven een badkamer wel dampremmende folie |
| Zoldervloer, platen of wol | ja, een dampremmende laag | aan de warme kant, dus onder de isolatie |
| Voorzetwand tegen een buitenmuur met wol | meestal wel | losse folie (het stappenplan van Milieu Centraal gebruikt klimaatfolie) of isolatie met een dampremmende laag erop |
| Voorzetwand met spijkerflensdekens | geen aparte folie | de aluminiumlaag is damp- en luchtdicht |
| Voorzetwand in badkamer of toilet | extra dampscherm | geen kant-en-klare PIR-platen, wel groene gipsplaten |
| Kruipruimte, isolatie onder de vloer of bodemisolatie | ja, op de bodem | PE-folie (geen PVC); bij water drijvende folie |
Over de zoldervloer schrijft Milieu Centraal letterlijk: “Zorg in beide gevallen voor een dampremmende laag aan de warme kant, dus onder het isolatiemateriaal.” Dat geldt zowel voor beloopbare platen bovenop de vloer als voor wol tussen de balken.
De kruipruimte is een uitzondering op het idee van ‘de warme kant’. Daar ligt de PE-folie op de bodem, onder de isolatie, om vocht uit de grond tegen te houden. Milieu Centraal adviseert bij een houten vloer bovendien eerst de houtvochtigheid te meten: is die hoger dan 20 procent, leg dan eerst de PE-folie en wacht met isoleren tot het hout droger is.
Eerst kijken wat er al in je dak of muur zit
Het lastigste deel van de keuze is niet de nieuwe folie, maar wat er al zit. Milieu Centraal waarschuwt dat hout dat tussen twee dampremmende lagen opgesloten zit, te vochtig kan worden en kan gaan rotten. Daarom eerst controleren.
Schuin dak. Open een dakraam en til voorzichtig een dakpan op. Zie je alleen pannen, panlatten en een houten dakbeschot, dan heb je volgens Milieu Centraal een dampopen dak en volstaat gewone dampremmende folie. Ligt er folie tussen de pannen en het beschot, laat dan uitzoeken wat voor folie het is: vraag een bouwkundige, of knip een randje af en neem dat mee naar de bouwmarkt. Is die folie dampopen, dan is een gewone dampremmende laag binnen genoeg en hoef je volgens Milieu Centraal geen duurdere klimaatfolie te gebruiken. Is de folie onder de pannen dampremmend of dampdicht, of zitten er andere dampremmende materialen in de dakconstructie, gebruik dan klimaatfolie.
Bij de inspectie van het dak noemt Milieu Centraal nog een punt: kom je een vleermuis of vogel tegen, stop dan en neem contact op met een ecoloog. Zitten er naden of openingen van 7 millimeter of meer in het dakbeschot, dan kunnen er beschermde dieren op zolder zitten. Milieu Centraal schrijft ook dat isolatiewerkzaamheden gemeld moeten worden bij het Omgevingsloket.
Buitenmuur met voorzetwand. Kijk naar de afwerking aan beide kanten. Milieu Centraal noemt geglazuurde tegels of een dampremmende verflaag aan de buitenkant. Zit zo’n laag aan de buitenkant van een muur zonder spouw, dan kun je volgens Milieu Centraal geen voorzetwand plaatsen. Aan de binnenkant werken latexverf, tegels en cement dampremmend; kalk- en leemverf, kalk- en leemstuc en minerale verf laten vocht door. Soms moet een dampdichte laag aan de binnenkant eerst weg. Bij een steensmuur, een spouwmuur die al geïsoleerd is of houten balken die op de buitenmuur rusten, adviseert Milieu Centraal altijd eerst een expert te laten kijken.
Aan de warme kant: zo ziet dat er per klus uit
- Schuin dak: dakbeschot, dan isolatie tussen de balken, dan de folie, dan de afwerking (gipsplaat, gipsvezelplaat, underlayment of schroten).
- Zoldervloer: plafond van de verdieping eronder, dan de dampremmende laag, dan de isolatie. Milieu Centraal noemt die laag bij beloopbare platen én bij wol tussen de balken.
- Voorzetwand: buitenmuur, dan het raamwerk met isolatie, dan de folie aan de kamerkant, dan de gipsplaat.
- Kruipruimte: PE-folie op de bodem; de isolatie zit tegen de onderkant van de vloer of op de bodem.
Een dampremmende laag aan de koude kant van de isolatie draait het principe van Milieu Centraal om: de buitenkant wordt dan dampremmender dan de binnenkant, en het vocht dat de isolatie in trekt, kan er niet meer uit.
Dampremmende folie aanbrengen: de stappen
Milieu Centraal beschrijft het aanbrengen van klimaatfolie in het stappenplan voor een voorzetwand met isolatiewol. Voor een schuin dak werkt het op dezelfde manier: de folie gaat over de isolatie heen, aan de kamerkant, vóór de afwerking.
- Knip de banen op maat. Neem de hoogte van de wand en tel er een paar centimeter bij op, zodat de folie aan alle kanten iets oversteekt.
- Span de folie in verticale banen over de isolatie, aan de warme kant.
- Let op de goede kant. Milieu Centraal: je moet de letters op de folie nog kunnen lezen.
- Niet de folie vast op het houten raamwerk.
- Laat de banen minstens 10 centimeter overlappen. Laat bij ramen en deuren een paar centimeter folie uitsteken.
- Werk de dagkanten van de kozijnen apart af met losse stukken folie, iets groter gesneden, en plak de andere kant met tape langs het kozijn. De folie van de wand en die van de dagkant moeten elkaar overlappen.
- Plak alle naden af met tape voor klimaatfolie, inclusief de aansluitingen bij de vloer, het plafond en de zijmuren. Bij spijkerflensdekens met aluminiumlaminaat gebruik je aluminiumtape.
- Werk af. Pas daarna komt de gipsplaat of het schrotenplafond ervoor.
Milieu Centraal benadrukt bij stap 7 dat dit nauwkeurig moet gebeuren: het voorkomt condens in de constructie, en als de voorzetwand eenmaal staat, kun je er niet meer bij. Voor glaswol en steenwol adviseert Milieu Centraal daarnaast handschoenen, een wegwerpoverall met lange mouwen, een veiligheidsbril, een stofkapje type P2 en genoeg ventilatie tijdens het werk.
Waarom een kier van een millimeter al telt
Pro clima rekent op zijn site voor hoe groot het verschil tussen diffusie en convectie is. Bij een naadloze constructie met damprem dringt in de winter per referentiedag 0,5 gram water per vierkante meter in de constructie door diffusie. In dezelfde tijd stroomt door een naad van 1 millimeter breed 800 gram vocht per meter naadlengte naar binnen. Pro clima noemt dat een verslechtering met een factor 1.600.
Rekenvoorbeeld (met de getallen van pro clima, geen meting): een zolderwand van 30 m² met een naadloos aangebrachte damprem laat per referentiedag 30 × 0,5 = 15 gram water binnen. Zit er ergens één onafgeplakte naad van 1 millimeter over 2 meter lengte, bijvoorbeeld langs de aansluiting op de vloer, dan komt daar 2 × 800 = 1.600 gram bij. De naad laat dan ruim honderd keer zoveel vocht binnen als de hele rest van de wand.
Het voorbeeld laat zien waarom de tape en de aansluitingen bij vloer, plafond, kozijnen en leidingdoorvoeren het werk zijn, en niet het uitrollen van de folie. Pro clima noemt ook andere vochtbronnen: vocht dat vanuit een aangrenzend bouwdeel zijdelings de isolatie in trekt, en vocht dat nieuw hout of stucwerk tijdens het drogen afgeeft. Volgens hun rekenvoorbeeld geeft een dak met ongeveer 10 kilo hout per vierkante meter bij 1 procent opdroging 100 gram water per vierkante meter af. Ook daarom heeft een constructie ruimte nodig om op te drogen.
Vijf fouten die tot vochtschade leiden
- Folie aan de koude kant. Dan sluit je het vocht in plaats van het tegen te houden. De dampremmende laag hoort aan de kant van de verwarmde ruimte.
- Gewone dampremmende folie terwijl er al een dampremmende laag zit. Onder de pannen, of bij een extra laag tegen bestaande isolatie: dan adviseert Milieu Centraal klimaatfolie, omdat het hout anders tussen twee dampremmende lagen komt te zitten.
- Een ventilatieruimte tussen twee isolatielagen. Dat wordt soms aangeraden. Milieu Centraal raadt het af, omdat het onvoldoende vocht afvoert en zelfs extra vocht kan toevoeren.
- PVC-folie in de kruipruimte. Milieu Centraal adviseert PE, omdat PVC schadelijke stoffen kan bevatten.
- Naden en aansluitingen niet afplakken. Overlap zonder tape is geen luchtdichte laag. Zie het rekenvoorbeeld hierboven.
Twijfel je over vocht dat er nu al is, zoals schimmelplekken op een buitenmuur of een natte kruipruimte, los dat dan eerst op. Milieu Centraal adviseert bij tekenen van vocht om eerst een expert te laten kijken voordat je een voorzetwand plaatst. Hoe je de oorzaak van vocht in huis opspoort, staat in vocht en schimmel in huis. Een ontvochtiger kan volgens Milieu Centraal tijdelijk te veel vocht opvangen, maar is geen vervanging voor ventilatie; zie luchtontvochtigers per ruimte.
Zelf doen of laten doen
Folie aanbrengen is goed zelf te doen als je toch zelf isoleert. Milieu Centraal rekent voor het dak van een gemiddelde hoekwoning met ongeveer €1.700 aan materialen als je het zelf doet, en zo’n €6.500 als je een bedrijf inschakelt.
Wil je subsidie, dan is zelf doen geen optie. RVO stelt voor de ISDE dat de volledige isolatiewerkzaamheden worden uitgevoerd door een bouw(installatie)bedrijf: “U mag niet zelf isoleren.” Nieuw aangebrachte isolatie van dak, zoldervloer, vloer, bodem en gevel moet minimaal Rd 3,5 m²K/W hebben, het materiaal moet op de meldcodelijst van RVO staan en je vraagt de subsidie aan binnen 24 maanden na de werkzaamheden. De bedragen en voorwaarden staan in isolatiesubsidie in Nederland.
Laat je het doen, dan is de dampremmende laag een vast onderdeel van het werk. Essent biedt dakisolatie aan met de servicepartner Nederland Isoleert. Op zijn pagina over dakisolatie beschrijft Essent dat de glaswol Knauf Supafil Timberframe tegen het dak wordt geblazen, tussen een houten raamwerk en “een speciaal plastic dat vocht tegenhoudt”. Essent noemt een gratis en vrijblijvend adviesgesprek en 10 jaar productgarantie op de dakisolatie (essent.nl/isolatie/dakisolatie, geraadpleegd 4 oktober 2026). Vraag in dat gesprek naar de punten uit de checklist hieronder.
Vraag een adviesgesprek over isolatie aan bij Essent →
Checklist voor de offerte
Milieu Centraal heeft eigen offertechecklists voor dak- en vloerisolatie. Voor de dampremmende laag vraag je in elk geval:
- Welke laag ligt er nu onder de pannen of aan de buitenkant van de muur, en hoe is dat vastgesteld?
- Komt er dampremmende folie, klimaatfolie of geen folie, en waarom bij deze opbouw?
- Wat is de sd-waarde van de folie (bij klimaatfolie: in winter en zomer)?
- Hoe worden de naden, de aansluitingen op vloer, plafond en muren, de kozijnen en de leidingdoorvoeren afgeplakt?
- Bij een badkamer: komt er een extra dampremmende laag?
- Bij subsidie: staat het isolatiemateriaal op de meldcodelijst en haalt het de vereiste Rd-waarde?
Onze conclusie
Dampremmende folie is geen standaardonderdeel dat je overal in legt. Isoleer je met wol, dan hoort hij erin, aan de warme kant. Bij een schuin dak met PIR- of andere hardschuimplaten zijn de platen zelf meestal genoeg, behalve bij een badkamer; bij een zoldervloer hoort er ook onder platen een dampremmende laag. Zit er buiten al een dampremmende laag, of isoleer je over oude isolatie heen, dan kies je klimaatfolie. Het werk zit in de details: 10 centimeter overlap, tape op elke naad en elke aansluiting, en de folie met de letters leesbaar.
Begin daarom niet bij de bouwmarkt, maar bij de dakpan of de muur. Til een pan op of kijk naar de afwerking van je buitenmuur. Wat je daar vindt, bepaalt welke folie je nodig hebt, of dat je eerst een expert laat kijken. Isoleer je ook de spouw of de vloer, kijk dan bij vloerisolatie of spouwmuurisolatie en kierdichting met glaswol en tochtstrips. Een warmtepomp in de planning? Zie welke isolatie past bij een warmtepomp.
Bronnen
- Milieu Centraal, Isolatiemateriaal kiezen (milieucentraal.nl/energie-besparen/isoleren-en-besparen/isolatiemateriaal-kiezen), laatst gewijzigd 24 augustus 2026, geraadpleegd 4 oktober 2026: binnenkant dampremmender dan buitenkant, uitleg vochttransport, schimmel en levensduur.
- Milieu Centraal, Zelf dak isoleren (milieucentraal.nl/energie-besparen/isoleren-en-besparen/zelf-dak-isoleren), laatst gewijzigd 2 juli 2026, geraadpleegd 4 oktober 2026: dampopen dak controleren (dakpan optillen, randje folie naar de bouwmarkt), dampremmende folie of klimaatfolie per situatie, hardschuimplaten voldoende dampremmend, badkamer, extra laag met klimaatfolie, ventilatieruimte tussen lagen afgeraden, vleermuizen en 7 mm, melden bij het Omgevingsloket, persoonlijke bescherming, materiaalkosten €1.700 en €6.500 bij een bedrijf.
- Milieu Centraal, Dakisolatie (milieucentraal.nl/energie-besparen/isoleren-en-besparen/dakisolatie), laatst gewijzigd 8 juli 2026, geraadpleegd 4 oktober 2026: zoldervloer “dampremmende laag aan de warme kant, dus onder het isolatiemateriaal”; hout tussen twee dampremmende lagen.
- Milieu Centraal, Vloerisolatie (milieucentraal.nl/energie-besparen/isoleren-en-besparen/vloerisolatie), laatst gewijzigd 27 augustus 2026, geraadpleegd 4 oktober 2026: dampremmende folie van kunststof, het liefst PE (geen PVC), drijvende folie Miotheen KR4.
- Milieu Centraal, Zelf vloer isoleren (milieucentraal.nl/energie-besparen/isoleren-en-besparen/zelf-vloer-isoleren), laatst gewijzigd 2 juli 2026, geraadpleegd 4 oktober 2026: houtvochtigheid boven 20 procent, PE-folie op de bodem, noppenfolie.
- Milieu Centraal, Stappenplan voorzetwand met isolatiewol (milieucentraal.nl/energie-besparen/isoleren-en-besparen/stappenplan-voorzetwand-met-isolatiewol), geraadpleegd 4 oktober 2026: klimaatfolie aanbrengen (verticale banen, letters leesbaar, 10 cm overlap, dagkanten, tape), spijkerflensdekens en aluminiumtape, badkamer.
- Milieu Centraal, Stappenplan voorzetwand met hardschuimplaten (milieucentraal.nl/energie-besparen/isoleren-en-besparen/stappenplan-voorzetwand-met-hardschuimplaten), geraadpleegd 4 oktober 2026: geen kant-en-klare PIR-platen in een natte ruimte, extra dampscherm en groene gipsplaten, naden bij PIR nauwkeurig dicht.
- Milieu Centraal, Buitenmuur isoleren met voorzetwand (milieucentraal.nl/energie-besparen/isoleren-en-besparen/buitenmuur-isoleren-met-voorzetwand), laatst gewijzigd 24 augustus 2026, geraadpleegd 4 oktober 2026: dampremmende lagen aan binnen- en buitenkant, latex/tegels/cement tegenover kalk en leem, steensmuur, geïsoleerde spouw, houten balken, eerst expert bij vocht.
- Milieu Centraal, Woning ventileren (milieucentraal.nl/energie-besparen/ventilatie/woning-ventileren), laatst gewijzigd 24 augustus 2026, geraadpleegd 4 oktober 2026: ontvochtigers vangen tijdelijk te veel vocht op en zijn geen vervanging voor ventilatie.
- pro clima, Intelligente luchtdichting (nl.proclima.com/bouwfysica/waarom_luchtdicht/intelligente_luchtdichting), geraadpleegd 4 oktober 2026: luchtvochtigheid bij de damprem winter circa 40% en zomer meer dan 80%, μd-waarden INTELLO/INTELLO X (meer dan 25 m / minder dan 0,25 m) en DB+ (4 m / 0,4 m).
- pro clima, Bouwschade voorkomen (nl.proclima.com/bouwfysica/bouwschade_voorkomen), geraadpleegd 4 oktober 2026: dauwpunt 9,3 °C bij 20 °C en 50%, diffusie tegenover convectie, 0,5 g/m² per referentiedag tegenover 800 g per meter naad van 1 mm (factor 1.600), μd als equivalente luchtlaagdikte, vocht uit hout (100 g/m² bij 1% opdroging), damprem tegenover dampscherm.
- RVO, ISDE isolatiemaatregelen (rvo.nl/subsidies-financiering/isde/woningeigenaren/isolatiemaatregelen), gecontroleerd door RVO op 17 september 2026, geraadpleegd 4 oktober 2026: uitvoering door een bouw(installatie)bedrijf, niet zelf isoleren, Rd-eisen, meldcodelijst, aanvragen binnen 24 maanden.
- Dakisolatiepagina van Essent (essent.nl/isolatie/dakisolatie), geraadpleegd 4 oktober 2026: servicepartner Nederland Isoleert, Knauf Supafil Timberframe met “een speciaal plastic dat vocht tegenhoudt”, gratis adviesgesprek, 10 jaar productgarantie.
- Eigen rekenvoorbeeld: vocht per referentiedag = oppervlak × 0,5 g/m² plus naadlengte × 800 g/m, met de getallen van pro clima (gelabelde modelberekening, geen meting).
Disclosure: de links naar Essent en Essent Isolatie zijn affiliate-links (via Daisycon); komt er via zo’n link een opdracht of contract tot stand, dan kunnen wij een commissie ontvangen, zonder extra kosten voor jou. Met pro clima, Milieu Centraal, RVO en Knauf hebben wij geen commissie- of affiliaterelatie. Het rekenvoorbeeld over naden gebruikt de getallen van pro clima en vervangt geen bouwfysische berekening van jouw constructie.