Een gangbaar systeem van 16 panelen (5,6 kWp) levert jaarlijks zo’n 2.800 kWh terug aan het net. Tot en met 31 december 2026 is elke van die kWh net zoveel waard als een kWh die je afneemt. Op 1 januari 2027 vervalt dat in één keer. Wat dat kost, hangt af van je netto terugleververgoeding. Met onze aanname van €0,07 per kWh komt het neer op circa €532 per jaar voor zo’n systeem; met de netto halve cent die leveranciers voor 2027 aankondigen op circa €714 per jaar, voor zover je die kWh nu daadwerkelijk tegen eigen afname kunt wegstrepen.
Dit artikel legt uit wat er is besloten, waarom het afbouwschema dat overal nog rondzingt niet bestaat, en welke maatregelen het verlies opvangen.
Disclosure: de link naar EcoFlow in dit artikel is een affiliate-link via het AWIN-netwerk — koop je daar iets, dan ontvangen wij mogelijk een commissie, zonder extra kosten voor jou. De link naar UnitedConsumers is eveneens een affiliate-link, via AWIN sinds 18 september 2026: sluit je daar een contract af, dan ontvangen wij een vergoeding, zonder extra kosten voor jou. Met Tibber hebben wij geen commissierelatie; wij noemen Tibber daarom zonder link. Dit artikel is informatief en bevat geen financieel advies.
Kort antwoord: De saldering wordt niet afgebouwd maar stopt volledig op 1 januari 2027. Het schema van 73/55/37/18/0 procent dat je overal tegenkomt, hoort bij een wetsvoorstel dat het niet heeft gehaald. Voor een doorsnee-installatie van 12 panelen loopt de terugverdientijd daardoor in één keer op van 6,4 jaar naar 11,9 jaar. Je kunt dat verlies deels opvangen door meer stroom overdag te verbruiken en door opslag.
Wat is de salderingsregeling?
De salderingsregeling (ook wel ‘salderen’ of ’netto-metering’ genoemd) maakt zonnepanelen financieel aantrekkelijk via één simpel principe:
De stroom die je opwekt met je zonnepanelen en teruglevert aan het net, mag je wegstrepen tegen de stroom die je van het net afneemt.
Belangrijke beperking die vaak wordt overgeslagen: je kunt maar wegstrepen tot het aantal kWh dat je zélf van het net afneemt. Lever je meer terug dan je afneemt, dan geldt voor dat meerdere nu al alleen de terugleververgoeding.
Een voorbeeld
Stel, je verbruikt in een jaar 3.500 kWh en je zonnepanelen wekken 3.000 kWh op. Van die 3.000 kWh verbruik je 1.200 kWh direct (op het moment dat je panelen leveren) en lever je 1.800 kWh terug aan het net.
Met saldering (t/m 31-12-2026):
- Je afname van het net: 3.500 − 1.200 = 2.300 kWh
- Daarvan mag je salderen: 1.800 kWh
- Je betaalt dus over: 2.300 − 1.800 = 500 kWh
Zonder saldering (vanaf 1-1-2027):
- Je betaalt over de volledige afname: 2.300 kWh tegen leveringstarief
- Voor de 1.800 kWh teruglevering ontvang je alleen de terugleververgoeding
Doorgerekend met een all-in leveringstarief van €0,26 per kWh en de terugleververgoeding-aanname van €0,07 per kWh (zie de aannames verderop):
| Scenario | Berekening | Kosten |
|---|---|---|
| T/m 31-12-2026, volledige saldering | 500 × €0,26 | €130 |
| Vanaf 1-1-2027, geen saldering | (2.300 × €0,26) − (1.800 × €0,07) = €598 − €126 | €472 |
| Verschil | €342 per jaar |
Valt de terugleververgoeding lager uit, bijvoorbeeld op €0,05, dan wordt dat verschil €378 per jaar; bij €0,10 wordt het €288. De vergoeding is dus na je eigen verbruiksprofiel de meest bepalende variabele.
Waar we nu staan, en wat er is besloten
In 2026 is de salderingsregeling nog volledig van kracht. Je kunt 100 procent van je teruggeleverde stroom wegstrepen tegen je afname, binnen de grens hierboven.
Per 1 januari 2027 stopt dat volledig. In één keer, zonder tussenstappen en zonder overgangsregeling voor bestaande installaties.
Het afbouwschema dat níet is doorgegaan
Op heel veel sites, in rekentools en in verkoopgesprekken circuleert nog een afbouwtabel. Meestal in een van deze twee vormen:
| Jaar | Variant A (verworpen) | Variant B (verworpen) |
|---|---|---|
| 2027 | 73% salderen | 64% salderen |
| 2028 | 64% salderen | 28% salderen |
| 2029 | 55% salderen | 0% salderen |
| 2030 | 46% salderen | — |
| 2031 | 0% salderen | — |
Beide reeksen horen bij wetsvoorstellen die het niet hebben gehaald. Wij hebben ze hier eerder zelf ook laten staan; ze zijn nu vervangen door de regeling die daadwerkelijk geldt. Kom je zo’n reeks tegen in een offerte of een online rekentool, dan rekent die met een regeling die niet bestaat — en de uitkomst is dan structureel te gunstig voor 2027 tot en met 2030.
Alles wat je nodig hebt om te rekenen, zijn twee situaties: volledige saldering t/m 31-12-2026 en geen saldering vanaf 1-1-2027.
Impact op de terugverdientijd van zonnepanelen
Aannames van het model (peildatum 21-8-2026)
Dit is een modelberekening met expliciete aannames, geen belofte en geen meting.
- Installatie: 12 zonnepanelen, 4,8 kWp
- Jaarlijkse opbrengst: 4.300 kWh
- Direct eigen verbruik: 30 procent van de opbrengst = 1.290 kWh
- Teruglevering: 3.010 kWh
- Totaal jaarverbruik: 3.800 kWh, dus afname van het net 3.800 − 1.290 = 2.510 kWh
- Leveringstarief: €0,26 per kWh all-in incl. btw = EPEX-jaargemiddelde 2025 €0,105 (incl. btw) + energiebelasting €0,11085 (incl. btw) + €0,044 inkoopopslag en vaste-kostenomslag (aanname, incl. btw)
- Terugleververgoeding vanaf 2027: €0,07 per kWh — een aanname, geen gepubliceerd tarief, en eerder aan de hoge kant: leveranciers die hun tarieven voor 2027 al hebben aangekondigd, houden netto (vergoeding min terugleverkosten) meestal maar een kwart cent tot ruim een cent per kWh over (stand 24 september 2026, zie terugleververgoeding 2027 per leverancier)
- Aanschafkosten zonnepanelen: €6.500 (0 procent btw op panelen)
- Netbeheerkosten blijven buiten de terugverdientijd: dat is een vast capaciteitstarief per jaar en het verandert niet door zonnepanelen
Scenario 1: volledige saldering (t/m 31-12-2026)
| Component | Berekening | Besparing |
|---|---|---|
| Direct eigen verbruik | 1.290 kWh × €0,26 | €335 |
| Gesaldeerde teruglevering (tot de afname van 2.510 kWh) | 2.510 kWh × €0,26 | €653 |
| Teruglevering boven de afname | 500 kWh × €0,07 | €35 |
| Totale jaarlijkse besparing | circa €1.023 | |
| Terugverdientijd | €6.500 / €1.023 | 6,4 jaar |
Scenario 2: geen saldering (vanaf 1-1-2027)
| Component | Berekening | Besparing |
|---|---|---|
| Direct eigen verbruik | 1.290 kWh × €0,26 | €335 |
| Terugleververgoeding | 3.010 kWh × €0,07 | €211 |
| Totale jaarlijkse besparing | €546 | |
| Terugverdientijd | €6.500 / €546 | 11,9 jaar |
Wat dat betekent
De terugverdientijd bijna verdubbelt, en dat gebeurt in één keer op 1 januari 2027 — niet gespreid over vijf jaar zoals het verworpen voorstel suggereerde. Rekent jouw leverancier vanaf 2027 daarnaast terugleverkosten, dan valt scenario 2 nog ongunstiger uit. Die tarieven voor 2027 zijn nog nergens gepubliceerd, dus wij rekenen ze niet mee.
De nuance blijft staan: ook zonder saldering zijn zonnepanelen rendabel. Een terugverdientijd van 11,9 jaar valt ruim binnen de technische levensduur van 25 tot 30 jaar, en de besparing op direct eigen verbruik verandert helemaal niet.
Waarom een thuisbatterij vanaf 2027 anders uitpakt
De kern van het probleem is het gat tussen wat je betaalt voor stroom (€0,26 per kWh in ons model) en wat je krijgt voor teruglevering (€0,07 per kWh in ons model). Tot en met 2026 wordt dat gat overbrugd door saldering. Vanaf 2027 niet meer.
De oplossing is: meer van je eigen opgewekte stroom zelf gebruiken, en daar komt de thuisbatterij in beeld. Een batterij slaat het overschot overdag op en levert het ’s avonds terug aan je eigen huis.
Rekenvoorbeeld met thuisbatterij (situatie vanaf 1-1-2027)
Aanvullende aannames: bruikbare capaciteit 10 kWh, retourrendement 90 procent, en 1.500 kWh per jaar die daadwerkelijk verschoven wordt. Dat laatste is minder dan het volledige overschot, omdat de batterij op zonnige zomerdagen rond het middaguur al vol is en er in de winter nauwelijks overschot is. Om 1.500 kWh te leveren laad je 1.667 kWh in.
| Post | Zonder batterij | Met thuisbatterij (10 kWh) |
|---|---|---|
| Direct eigen verbruik | 1.290 kWh | 1.290 kWh |
| Verbruik uit batterij | 0 kWh | 1.500 kWh |
| Teruglevering aan net | 3.010 kWh | 1.343 kWh |
| Besparing eigen verbruik (× €0,26) | €335 | €725 |
| Terugleververgoeding (× €0,07) | €211 | €94 |
| Totale jaarlijkse waarde | €546 | €819 |
| Extra door de batterij | — | €273 per jaar |
Heb je daarbij een dynamisch contract met slimme aansturing, dan komt daar in ons model nog circa €80 per jaar aan netarbitrage bij: 100 extra cycli van 8 kWh in het winterhalfjaar tegen een netto spreiding van €0,10 per kWh na omzetverliezen. Basis daarvoor is de dagspreiding op de day-ahead-markt, niet het jaargemiddelde. Ter referentie: EPEX 2025 kende een jaargemiddelde van €0,105 per kWh, 584 negatieve uren en als duurste uur €0,63 op 20 januari 2025 om 17:00.
Totale modelmatige waarde van een 10 kWh batterij vanaf 2027: €353 per jaar. Wat dat betekent voor de terugverdientijd, hangt volledig aan de aanschafprijs:
| Systeem | Investering | Modelmatige terugverdientijd |
|---|---|---|
| EcoFlow STREAM AC 5000 + uitbreidingsaccu (circa 10 kWh, plug-in) | €2.649 (actieprijs nl.ecoflow.com, van €3.298; peildatum 19-10-2026) | 7,5 jaar |
| Vast ingebouwd systeem 10 kWh incl. installatie | €6.500 - €7.500 | 18,4 - 21,2 jaar |
| Vast ingebouwd systeem 13,5 kWh incl. installatie | circa €10.500 | 29,7 jaar |
Bij €353 per jaar sluit de rekening binnen een garantietermijn van tien jaar alleen als de totale investering onder circa €3.530 blijft. Van de vaste, ingebouwde systemen haalt op dit moment geen enkele dat. Dat is geen argument om geen batterij te nemen — noodstroom en onafhankelijkheid zijn ook redenen — maar wel om de verwachting scherp te stellen.
Bekijk de actuele EcoFlow STREAM-prijzen
Wil je meer weten over de vaste systemen? Lees ons overzicht Beste thuisbatterij Nederland 2026, of reken met je eigen cijfers in de terugverdientijd-vergelijker.
Wat kun je nu doen? 5 concrete stappen
1. Verhoog je directe eigen verbruik
Zonder enige investering kun je al meer van je eigen zonnestroom benutten door apparaten overdag te laten draaien: de wasmachine en vaatwasser als de zon schijnt, de elektrische auto overdag laden, en de boiler op een tijdschakelaar. Elke kWh die je van 30 naar 40 procent direct eigen verbruik verschuift, is in het 2027-scenario €0,26 waard in plaats van €0,07 — een verschil van €0,19 per kWh.
2. Reken een thuisbatterij door op jouw eigen cijfers
Gebruik de tabel hierboven, maar vul je eigen teruggeleverde kWh en je eigen offerteprijs in. De uitkomst is extreem gevoelig voor de aanschafprijs en veel minder voor het merk.
3. Kies het juiste energiecontract
Vanaf 2027 wordt de keuze van je leverancier belangrijker, omdat de terugleververgoeding en eventuele terugleverkosten dan het verschil maken. Vergelijk op drie punten: de terugleververgoeding, of er terugleverkosten worden gerekend, en of het contract dynamisch is. Onze vergelijker van dynamische energiecontracten zet de aanbieders naast elkaar, en op terugleverkosten vergelijken staat wie wat rekent.
Een voorbeeld van een dynamische aanbieder is Tibber: dat kost €6,99 per maand voor stroom en €5,99 voor gas (stroom en gas tellen dus apart) plus een inkoopvergoeding van €0,0180 per kWh, bovenop de uurprijs. Het contract is volgens Tibber elke dag opzegbaar, zonder boete (gecontroleerd 28 september 2026). De prijs van de Pulse-meetmodule publiceert Tibber niet.
Past dynamisch niet bij je en wil je de rekening liever vastleggen, dan is collectief inkopen het spiegelbeeld. UnitedConsumers Energie noemt zich op de eigen site al sinds 2008 leverancier van stroom en gas en koopt de energie in via ENGIE (unitedconsumers.com, pagina over de samenwerking met ENGIE, gecontroleerd op 2 oktober 2026). Er is keuze uit één jaar vast, drie jaar vast of variabel zonder vaste looptijd, met 100% groene stroom uit Nederland volgens de eigen site. Een dynamisch contract biedt UnitedConsumers niet, dus voor de sturing op uurprijzen hierboven is het geen optie. Let bij de looptijd op de overgang van 1 januari 2027: drie jaar vast loopt daar dwars doorheen. De tarieven zelf staan niet op de site en verschijnen pas na een postcodecheck. Bron: unitedconsumers.com/energie, gecontroleerd op 18 september 2026.
4. Optimaliseer je panelenconfiguratie
Heb je nog geen zonnepanelen, of overweeg je uitbreiding? Kies een systeemgrootte die past bij je eigen verbruik in plaats van bij het beschikbare dakoppervlak, en overweeg een oost-westopstelling in plaats van alleen zuid: die spreidt de opbrengst over de dag en verhoogt daarmee het aandeel direct eigen verbruik. Zie oost-west versus zuid voor de doorrekening.
5. Weet welke subsidies er wél zijn
Voor zonnepanelen geldt het btw-nultarief. Gemeenten en provincies hebben soms eigen regelingen of leningen. Voor een thuisbatterij is er geen landelijke subsidie. Lees ons overzicht Zonnepanelen subsidie Nederland 2026.
Waarom de saldering stopt
Er zijn vier argumenten die in de besluitvorming steeds terugkomen:
- Netcongestie: het elektriciteitsnet raakt op zonnige dagen overbelast door teruggeleverde zonnestroom
- Kostenverdeling: saldering wordt indirect meebetaald door alle stroomgebruikers, ook wie geen panelen heeft
- Prikkel voor opslag: zolang je gratis kunt salderen, is er geen financiële reden om zelf op te slaan of te verschuiven
- Marktwaarde: een terugleververgoeding sluit dichter aan bij wat stroom op dat moment daadwerkelijk waard is
Vanuit het net bekeken is de stop dus niet alleen een verslechtering: hij verschuift het gedrag van “zo veel mogelijk terugleveren” naar “zo veel mogelijk zelf gebruiken”.
Impact per type huishouden
Hoe hard je geraakt wordt, hangt af van hoeveel je teruglevert.
| Type huishouden | Impact | Wat helpt |
|---|---|---|
| Klein huishouden, weinig panelen | Laag — groot deel gaat al naar direct verbruik | Geen directe actie nodig |
| Gezin met veel panelen | Hoog — veel teruglevering | Verbruik verschuiven, opslag doorrekenen |
| Thuiswerker met panelen | Gemiddeld — relatief veel dagverbruik | Apparaten op zonuren plannen |
| Huishouden met EV + panelen | Gemiddeld — laden kan overdag | EV overdag laden in plaats van ’s nachts |
| Woning met warmtepomp + panelen | Hoog in de winter, laag in de zomer | Verwarmingsschema afstemmen op de zonuren |
Rekenvoorbeeld: 2026 versus 2027 voor één huishouden
Een tweeverdienershuishouden dat deels thuiswerkt, met 12 panelen (4,5 kWp) uit 2023. Modelprofiel, geen praktijkcasus.
Het profiel:
- Jaarverbruik: 3.800 kWh
- Jaaropwekking: 3.950 kWh
- Direct eigen verbruik: 35 procent van de opwekking = 1.380 kWh
- Teruglevering: 2.570 kWh
- Afname van het net: 2.420 kWh
2026, volledige saldering:
| Post | Berekening | Bedrag |
|---|---|---|
| Afname na saldering: 2.420 − 2.420 = 0 kWh | 0 × €0,26 | €0 |
| Teruglevering boven de afname (150 kWh) | 150 × €0,07 | −€11 |
| Netbeheerkosten (vast capaciteitstarief) | — | €400 |
| Totale energiekosten | circa €389 |
2027, geen saldering:
| Post | Berekening | Bedrag |
|---|---|---|
| Afname van het net | 2.420 × €0,26 | €629 |
| Terugleververgoeding | 2.570 × €0,07 | −€180 |
| Netbeheerkosten (vast capaciteitstarief) | — | €400 |
| Totale energiekosten | €849 |
Van circa €389 naar €849 per jaar. Dat is €460 meer, oftewel circa €38 per maand. Rekent de leverancier daarnaast terugleverkosten, dan komt dat er nog bovenop. Dat is het waarschijnlijke scenario: leveranciers die hun tarieven voor 2027 al hebben aangekondigd, houden netto (vergoeding min terugleverkosten) meestal maar een kwart cent tot ruim een cent per kWh over (stand 24 september 2026, zie terugleververgoeding 2027 per leverancier). Met netto €0,005 levert de teruglevering 2.570 × €0,005 = €13 op en worden de totale energiekosten circa €1.016 per jaar, €627 meer dan nu.
De panelen zijn er, de investering is gedaan, maar de spelregels veranderen op één datum.
Wat er per 1 januari 2027 concreet verandert
De salderingsverrekening verdwijnt. Je leverancier kan teruggeleverde kWh niet meer wegstrepen tegen je afname.
De terugleververgoeding wordt leidend. Wat je krijgt, bepaalt je leverancier. Een deel van de leveranciers heeft zijn tarieven voor 2027 al aangekondigd, met netto een kwart cent tot ruim een cent per kWh (zie terugleververgoeding 2027 per leverancier). Kijk in het najaar van 2026 opnieuw naar het aanbod voordat je een contract voor 2027 vastlegt.
Terugleverkosten worden een vergelijkingspunt. Een deel van de leveranciers rekent nu al terugleverkosten voor klanten met zonnepanelen. Welke dat zijn en wat ze rekenen, houden wij bij op terugleverkosten vergelijken.
Dynamische contracten worden relevanter. Wie zijn verbruik of opslag kan sturen op uurprijzen, kan een deel van het verlies terugverdienen. Zonder sturing levert een dynamisch contract die extra waarde niet op.
0 procent btw op zonnepanelen: wat dat scheelt
Eén post die níet verandert: het btw-nultarief op zonnepanelen geldt sinds 1 januari 2023 en blijft. Het dekt de panelen zelf plus de direct noodzakelijke onderdelen, inclusief omvormer en installatie.
Wat dat scheelt op een systeem van 12 panelen, als modelvoorbeeld:
- Prijs exclusief btw: €5.165
- Diezelfde prijs met 21 procent btw zou zijn: €6.250
- Met het nultarief betaal je: €5.165
Dat is €1.085 verschil ten opzichte van het 21-procentstarief. Let op: sinds 2023 is er ook geen btw-teruggaveroute meer via de kleineondernemersregeling — die was er alleen zolang je nog 21 procent btw betaalde.
Bij een systeem met batterij valt de accu hierbuiten. De Belastingdienst schrijft expliciet dat de levering en installatie van een accupakket of thuisbatterij niet onder het nultarief valt. Daarop betaal je 21 procent btw, ook als je de batterij samen met de panelen koopt. Een offerte van €9.500 aan panelen plus een 10 kWh batterij van €5.500 rekent dus: €9.500 tegen 0 procent btw, en €5.500 inclusief 21 procent btw op de accu.
Subsidie op een thuisbatterij: wat er wél en niet is
Expliciet, want hier gaat veel mis: de ISDE dekt geen thuisbatterijen. De ISDE is er voor woningeigenaren volgens RVO uitsluitend voor isolatie, ventilatie (in combinatie met isolatie), (hybride) warmtepompen, zonneboilers, een warmtenetaansluiting en elektrisch koken. Batterijen, zonnepanelen en laadpalen staan er niet op — er is dus geen bedrag per kWh en geen aanvraagroute voor een accu, ook niet in combinatie met zonnepanelen.
Wat er voor batterijen wél speelt:
- Het einde van de saldering zelf. Dat is de motor achter het rendement: zonder saldering is een kWh die je zelf opslaat en ’s avonds verbruikt €0,19 meer waard dan diezelfde kWh terugleveren. Dat rendement moet de investering dragen, niet een subsidie.
- Soms een gemeentelijke of provinciale regeling. Een aantal gemeenten heeft eigen duurzaamheidssubsidies of leningen waar een batterij onder kan vallen. Dat verschilt per gemeente en verandert regelmatig; check de actuele regeling bij je eigen gemeente vóór je tekent.
- Btw. Op de batterij betaal je 21 procent btw. Lever je als btw-ondernemer stroom terug, dan kun je in specifieke gevallen btw terugvragen; de Belastingdienst stelt daarbij voorwaarden, waaronder een energiemanagementsysteem en een dynamisch contract. Zie belastingdienst.nl en behandel dit niet als een voordeel waar iedere particulier op kan rekenen.
Reken een batterij dus door op de kale aanschafprijs inclusief btw en installatie. Dat is de eerlijke basis.
Conclusie
De saldering stopt volledig op 1 januari 2027. Geen afbouwpad, geen tussenjaren, geen overgangsregeling voor bestaande installaties. Het schema dat je overal nog tegenkomt, hoort bij een voorstel dat het niet heeft gehaald — en wie daarmee rekent, komt voor 2027 tot en met 2030 structureel te gunstig uit. Wat er daarnaast richting 2030 op de rol staat voor woningen, zetten we op een rij in energietransitie 2030.
De financiële impact is reëel: in ons model loopt de terugverdientijd van een doorsnee-installatie van 6,4 jaar naar 11,9 jaar. Maar dat blijft ruim binnen de levensduur van de panelen, en de besparing op direct eigen verbruik verandert niet.
Drie stappen die het meeste opleveren:
- Verhoog je directe eigen verbruik — dat kost niets en is in het 2027-scenario €0,19 per verschoven kWh waard
- Reken opslag door op je eigen cijfers en offerteprijs, niet op een gemiddelde
- Vergelijk je energiecontract opnieuw in het najaar van 2026, wanneer de terugleververgoedingen en terugleverkosten voor 2027 bekend worden
Externe bron: RVO — ISDE voor woningeigenaren — het officiële overzicht van wat de ISDE wel en niet dekt (thuisbatterijen vallen er niet onder).